Onderzoek

Photo by MJH SHIKDER on Unsplash

De toekomst van het Hollandse dynastieke onderzoek

een forensische en historiografische analyse

De geschiedschrijving van het graafschap Holland bevindt zich op een kruispunt waar traditionele oorkondenstudie en moderne natuurwetenschappelijke technieken samenkomen. De huidige onderzoeksagenda van onze Orde voor de komende decennia richt zich op het oplossen van hardnekkige raadsels rond de fysieke resten van de graven van Holland, de exacte lokalisering van bepalende militaire confrontaties en de sociaal-politieke structuren die het graafschap tussen de tiende en veertiende eeuw vormgaven.

Het forensisch onderzoek naar de graven van Holland in Rijnsburg

Een van de meest prominente lopende discussies in de Nederlandse mediëvistiek betreft de heropening van het onderzoek naar de graven in de voormalige abdij van Rijnsburg. De ontdekking van skeletten in 1949, die traditioneel werden toegeschreven aan Floris V en zijn naasten, leidde decennia later tot een wetenschappelijke controverse over hun authenticiteit.

De koolstofdatering en het mariene reservoireffect

Eerder onderzoek door Maat en Cordfunke concludeerde op basis van koolstofdatering dat de resten uit de Karolingische periode stamden, wat identificatie met de dertiende-eeuwse graven zou uitsluiten. Er is echter sterke methodologische kritiek op deze conclusie vanwege het dieet van de Hollandse adel. Als vrome katholieken consumeerden de graven grote hoeveelheden vis, zeker tijdens de vastenperiodes. Mariene organismen bevatten “ouder” koolstof uit diepe oceaanlagen, wat leidt tot het mariene reservoireffect. Bij individuen met een visrijk dieet kan de radiokoolstofklok hierdoor tot wel tweehonderd jaar “ouder” lijken dan de werkelijke sterfdatum. Toekomstig onderzoek waarbij stabiele isotopenanalyse wordt gebruikt om dit effect te corrigeren, is noodzakelijk om een definitieve datering te verkrijgen.

DNA-profilering en genealogische verificatie

Naast de correctie van de koolstofdateringsdata is er een groeiende wetenschappelijke roep om grootschalig DNA-onderzoek op het botslijpsel van de resten die door de universiteit Leiden zijn bewaard. Dit onderzoek moet uitwijzen of de individuen in de Rijnsburgse crypten inderdaad een nauwe biologische verwantschap vertonen, wat de identificatie als familiegraf van het Hollandse Huis zou bevestigen. De technologische vooruitgang in de paleogenetica maakt het thans mogelijk om zelfs uit sterk gedegradeerd materiaal betrouwbare profielen te sequencen.

Forensische variabelen RijnsburgProbleemstellingToekomstige oplossing
Radiokoolstof ()Afwijking door visdieet suggereert Karolingische ouderdom.Correctie via stabiele isotopenanalyse van stikstof en koolstof.
Identiteit Floris VOnzekerheid over toeschrijving van skelet met traumata.Vergelijking van DNA-profielen met bekende verwanten.
Trauma-analyseHistorische bronnen vermelden afgehakte handen bij de moord.High-resolution CT-scans van de beenderen op perimortem letsel.

De slag bij Vlaardingen (1018) en de topografie van de macht

De overwinning van Dirk III op het keizerlijke leger in 1018 wordt algemeen erkend als een cruciaal moment voor de Hollandse autonomie. De exacte tactische lokalisatie binnen het Vlaardingse landschap blijft echter een onderwerp van actief onderzoek.

De archeologische zoektocht naar de burcht van Dirk III

Centraal in het onderzoek staat de identificatie van de burcht van Dirk III. De huidige consensus onder archeologen wijst naar de kerkheuvel in het centrum van Vlaardingen als de meest logische strategische positie. Grondradar-onderzoek bracht in 2007 een ringvormige structuur aan het licht onder de Grote Kerk, met een diameter van 27 meter. Toekomstig gravend onderzoek moet vaststellen of deze structuur de elfde-eeuwse palissadewal of de fundamenten van de grafelijke versterking betreft. Een dergelijke vondst zou de overgang van een nomadisch hofstelsel naar een sedentaire machtsbasis in Holland tastbaar maken.

Geografische reconstructie van het Merwedewoud

De topografie van 1018 verschilt fundamenteel van de huidige situatie; het gebied bestond uit een complex netwerk van kreken en het onbedijkte Merwedewoud. Toekomstige historisch-geografische studies zullen gebruikmaken van geologische boringen en digitale hoogtemodellen om de waterlopen te reconstrueren zoals ze waren toen de troepen van hertog Godfried vastliepen in de modder. Dit is essentieel om te begrijpen hoe Dirk III de natuurlijke hindernissen van het landschap als militair wapen inzette.

Aanvullende onopgeloste onderzoeksvragen over de graven van Holland

Naast de grote dossiers in Rijnsburg en Vlaardingen zijn er verschillende andere raadsels die de kern van de vroege staatsvorming in Holland raken.

De verdwenen schedel van Floris I

Hoewel de resten van Floris I (overleden 1061) in de abdij van Egmond zijn geïdentificeerd, is zijn schedel tijdens opgravingen in de twintigste eeuw spoorloos geraakt. Recent onderzoek heeft een ‘zolderschedel’ in de collectie van het archeologiemuseum Huis van Hilde geïdentificeerd die fysieke kenmerken vertoont (zoals sporen van reuzengroei of acromegalie) die passen bij de beschrijvingen van de graaf. Nader DNA-onderzoek moet bevestigen of deze schedel inderdaad bij het skelet in de Egmondse tombe hoort.

Het lot van Willem II bij Hoogwoud

Graaf Willem II sneuvelde in 1256 op het ijs bij Hoogwoud. Hoogwoud was destijds een van de belangrijkste plaatsen in West-Friesland en speelde een centrale rol in het verzet tegen de Hollandse inlijving. De recente ontdekking van een goudschat in Hoogwoud in 2021, begraven rond 1248, onderstreept de intensiteit van de strijd en de behoefte aan kapitaalbescherming in die periode. Het exacte archeologische spoor van de slag en de oorspronkelijke begraafplaats in het dorp blijven echter een punt van onderzoek.

De oorlogsmisdaden van Vronen (1297)

Bij Sint Pancras zijn de resten gevonden van het dorp Vronen, dat in 1297 door de Hollanders van de kaart werd geveegd. Onderzoek naar de massagraven op het Vroner kerkhof bracht aan het licht dat niet alleen strijders, maar ook vrouwen en kinderen op brute wijze met zwaarden en speren zijn gedood. Deze vondst dwingt historici tot een herwaardering van de aard van de Hollandse repressie tegen de West-Friezen.

De Vlaamse connectie en de herkomst van de dynastie

Er zijn sterke aanwijzingen dat het huis Gerulfingen zijn wortels niet in de Friese kuststreek had, maar in Frans-Vlaanderen, specifiek in de omgeving van Béthune en Sint-Omaars. De relatie tussen de graven en de abdij van Gent, waaruit de eerste monniken voor Egmond afkomstig waren, suggereert een politiek-culturele as die tot op heden onvoldoende is onderzocht.

Moderne literatuur per onderzoeksthema

Onderstaand overzicht bevat relevante wetenschappelijke publicaties (sinds 2000) die context bieden bij de onopgeloste onderzoeksvragen.

OnderzoeksonderwerpRelevante moderne literatuur
Algemeen dynastiek overzichtD.E.H. de Boer & E.H.P. Cordfunke, Graven van Holland (2010).
Slag bij Vlaardingen 1018K. Nieuwenhuijsen (red.), De Slag bij Vlaardingen 1018 (2018).
Vroege staatsvormingK. Nieuwenhuijsen, Strijd om West-Frisia 900-1100 (2016).
Krijgsgeschiedenis & machtR. de Graaf, Oorlog om Holland 1000-1375 (2004).
Biografie Floris VR. de Graaf, De waarheid over Floris (2004).
Vronen & archeologieG. Alders & C. van der Linde, Het Vroner Kerkhof (2011).
Hollandse identiteitK. Nieuwenhuijsen & L. van der Tuuk, Holland in het jaar 1000 (2024).

De integratie van archeologie, DNA-onderzoek en stabiele isotopenanalyse zal in de komende jaren cruciaal zijn om de materiële geschiedenis van de graven van Holland wetenschappelijk vast te leggen.

Voorgaand eigen onderzoek